Oefen examen

Wil je alvast eens oefenen met vragen die worden gesteld in een officieel Scrum Master examen (PSM 1) van Scrum.org? Let op, een officieel Scrum.org examen is altijd in het Engels. Onderstaande vragen zijn vertaald vanuit het Engels, de link naar de antwoorden staat onderaan.

 

1. Wanneer is een Sprint voorbij?

A) Wanneer alle Product Backlog items de Definition of done bereiken.
B) Wanneer de Product Owner zegt dat het klaar is.
C) Wanneer alle taken zijn afgerond.
D) Wanneer de ‘Time box’ afloopt.

 

2. Wat beschrijft de Definition of done het beste als er meerdere teams van Ontwikkelaars werken aan een enkel product?

A) Elk team van Ontwikkelaars bepaalt en gebruikt zijn eigen definitie. De verschillen worden besproken en in overeenstemming gebracht tijdens een ‘Hardening Sprint’.
B) Elk team van Ontwikkelaars gebruikt zijn eigen definitie, maar moet deze definitie duidelijk maken aan alle andere teams zodat de verschillen bekend zijn.
C) Alle teams van Ontwikkelaarsmoeten een Definition of done hebben waarbij hun gecombineerde werk i uitgebracht kan worden.
D) Dat verschilt.

 

3. Op welke type procescontrol is Scrum gebaseerd?

A) Empirisch
B) Hybride
C) Gedefinieerd
D) Complex

 

4. De maximale duur van een Sprint Review is:

A) 2 uur
B) 4 uur voor een maandelijkse Sprint. Voor kortere Sprints is de Time box doorgaans ook korter.
C) Zo lang als nodig is.
D) 1 dag
E) 4 uur, eventueel langer als dit nodig is

 

5. Wat is de aanbevolen hoeveelheid Ontwikkelaars (binnen het Scrum Team)?

A) Minimaal 7
B) 3 tot 9
C) 7 +/- 2
D) 9

 

6. De Ontwikkelaars zou alle vaardigheden moeten bezitten om:

A) Het project tot voltooiing te brengen wanneer de Product Owner zich gecommiteerd heeft aan data en kosten.
B) Al het ontwikkelwerk te volbrengen, met uitzondering van speciale testen die extra instrumenten en testomgevingen vereisen.
C) De geselecteerde Product Backlog items te veranderen in een vermeerdering van potentiele functionaliteit.

 

7. De drie pilaren van empirische procescontrole zijn:

A) Respect voor Mensen, Kaizen, Verspilling verminderen
B) Planning, Demonstratie, Retrospectie
C) Inspectie, Transparantie, Adaptatie
D) Planning, Inspectie, Adaptatie
E) Transparantie, Verspilling verminderen, Kaizen

 

8. Tijdens de dagelijkse Scrum is de rol van de Scrum Master om:

A) De discussie van de Ontwikkelaars te leiden.
B) Te verzekeren dat alle drie vragen beantwoord worden
C) De vergadering te begeleiden zodat elke teamlid een kans heeft om te spreken.
D) De Ontwikkelaars te leren om de dagelijkse Scrum binnen een 15 minuten Time-box te houden.

 

9. Welke twee (2) dingen doen de Ontwikkelaars tijdens de eerste Sprint?

A) Een vermeerdering van uitgeefbare software leveren.
B) De complete architectuur en infrastructuur van het product bepalen.
C) Ontwikkelen en leveren van minimaal 1 fragment van functionaliteit.
D) Een plan ontwikkelen voor verdere uitgave
E) Een compleet Product Backlog creëren die ontwikkeld dient te worden in opvolgende Sprints.

 

10. Wie zou het meeste moeten weten over de vooruitgang richting een bedrijfsdoelstelling en de alternatieven het duidelijkst moeten kunnen uitleggen?

A) De Product Owner
B) De Ontwikkelaars
C) De Scrum Master
D) De Projectmanager

 

De antwoorden en uitleg vind je hier.